Inflatie: zicht op een hogere rente?

Het einde van de bodemrentes lijkt nog niet in zicht. De centrale bankiers schuiven een verstrakking van het monetair beleid voor zich uit. En nu? Wat als de inflatie blijft slapen? 
  • 08 september 2017
Wachten op … de inflatie
Frida Deceunynck

Frida Deceunynck

Freelance journaliste

Het zwijgen van de centrale banken

Elk jaar komen de kopstukken van de financiële wereld samen in het Amerikaanse Jacksonhole. Iedereen wachtte met spanning op de laatste ontmoeting. Zouden ECB-topman Mario Draghi en Fed-voorzitter Janet Yellen de inperking van de overheidsobligaties op de balansen van de centrale banken aankondigen? Het bleek een loze verwachting. 

Geen duidelijke beslissing

De centrale bankiers hielden de lippen stijf op elkaar. Zolang de inflatie niet uit de startblokken schiet, blijven ze de verstrakking van het monetaire beleid voor zich uit schuiven. Tot dat moment zit ook een stijging van de beleidsrente er niet in en moeten we ons als spaarder tevredenstellen met de huidige bodemrentes.

Tussen twee vuren

Om dit mechanisme terug op gang te trekken, is het wachten tot het inflatiespook ontwaakt. In de tussentijd zitten we als spaarder en consument tussen twee vuren. Zonder inflatie is er geen hoop op een rentestijging voor ons spaargeld. Maar ook aantrekkende inflatiecijfers zijn allesbehalve een prettig vooruitzicht. Het leven wordt dan immers duurder en de waarde van ons spaargeld – lees: onze koopkracht – wordt erdoor aangetast.

Diefstal van koopkracht

De hamvraag is dan ook waarom de centrale bankiers zo hardnekkig vasthouden aan hun inflatiedoelstelling. Over het antwoord op deze vraag hoeven economen niet lang na te denken: wat voor spaarders en consumenten niet meer lijkt dan ‘diefstal van koopkracht’, heeft voor overheden enkele niet te versmaden voordelen. Zo zorgen oplopende prijzen ervoor dat de staatsschuld minder waard wordt. Creëer je dus voldoende inflatie, dan verschrompelt de staatschuld.

Stimulans voor economie

Verder wijzen studies uit dat een beperkte, stabiele inflatie de economische activiteit aanzwengelt. Inflatie zorgt er immers voor dat mensen in actie schieten om hun koopkrachtverlies binnen de perken te houden. Ofwel gaan ze op zoek naar rendement door te beleggen of hun kapitaal op een spaarrekening te zetten. Ofwel laten ze hun geld rollen om hogere prijzen in de toekomst te vermijden. Beide reacties pompen spaargeld in de economie, terwijl het zonder inflatie net zo goed onder de matras kan blijven liggen.

Wegblijven van het nulpunt

Tot slot helpt een stabiele inflatiedoelstelling om het risico op een nulrente te beperken. Bij een inflatieverwachting van 2% worden de nominale rentevoeten immers automatisch met 2% verhoogd. Zo blijven ze langer uit de gevarenzone als de centrale banken de rentevoeten naar beneden duwen om de economie te stimuleren. Negatieve rentevoeten zouden consumenten immers kunnen aanzetten om hun geld weg te halen bij de bank, met alle gevolgen van dien voor het financiële systeem en de economie.

Kortom, voor de centrale banken is een stabiele inflatiedoelstelling van 2% een heilig goed. Meer nog: hier en daar gaan er zelfs stemmen op om die doelstelling te verhogen tot 4%. Alleen ziet het er dus niet naar uit dat dat voor binnenkort is. Economen verwachten dat de ECB haar monetaire beleid zeker tot in 2018 zal handhaven. Het tijdperk van de bodemrentes is dus nog lang niet voorbij. En trekt de rente weer aan, dan zullen we die nodig hebben om het waardeverlies van ons spaargeld te compenseren.
 

Wij waarderen uw mening

Gelieve uw initialen correct in te vullen.

Gelieve uw reactie correct in te vullen.

Reacties

Bedankt,heel nuttige informatie en interessant

C.V.P. 28 september 2018
Wij staan voor u klaar.
Elke werkdag van 8:30 tot 19:00
Vrijdag tot 18:30
medewerker 1 medewerker 2
Gelieve een geldig telefoonnummer in te vullen. De verbinding is mislukt. Probeer het later nog een keer. Wij bellen u zo snel mogelijk terug.
En wij bellen u zo snel mogelijk terug