Hoe we Europa voelen in onze portemonnee

De controle vanuit Europa op ons federaal begrotingswerk is niet weg te slaan uit de media. Maar al voelen we die druk intussen allemaal in onze portemonnee, onze regering blijft het knap lastig hebben om te voldoen aan de strenge Europese begrotingseisen. Maar wat zijn die spelregels? En hoe werkt de EU-begroting zelf? In deze Bewuste Kijk leggen we dat haarfijn uit.
  • 03 mei 2017
Comment nous ressentons l'Europe dans notre portemonnaie

Rigoureuze controles

In 2013 legde de EU een meerjarig financieel kader vast, waarin ze haar uitgaven uitstippelde voor de komende zeven jaar. Het bevat de beleidsprioriteiten, en hoeveel de unie er maximaal aan mag spenderen. Binnen dat kader stellen parlement, commissie en ministers de gedetailleerdere jaarbegrotingen op.

De EU-kas wordt grotendeels door de lidstaten gespijsd. Elk land draagt jaarlijks ongeveer 0,7% van zijn bbp bij en zo’n 0,3% van zijn btw-inkomsten. Dat geld investeert Europa in tal van projecten in de verschillende lidstaten. Hierbij ligt de focus onder meer op de bevordering van economische groei en jobcreatie.

De Europese inkomsten en uitgaven worden ieder jaar onder de loep genomen. Maar daar stopt het niet: om de stabiliteit van de euro te garanderen moet ook elke lidstaat zijn begroting op orde hebben. Daarvoor hanteert de unie deze spelregels: het nationale begrotingstekort mag niet boven de 3% stijgen en de staatsschuld moet onder 60% van het bbp blijven.

Europa analyseert daarvoor jaarlijks de nationale begrotingen. Swingen het tekort en de staatsschuld de pan uit, dan komt het land in kwestie onder scherper begrotingstoezicht. Bedoeling is dat het dan zo snel mogelijk in actie schiet om uit de negatieve cijfers te raken, want de volgende stap zijn boetes.

Virtuele munt als wegbereider

Wie complexe transacties zegt, zegt natuurlijk ook financiële sector. Zo leggen aandelen doorgaans een hele weg af langs banken, brokers, beurzen en de zogenoemde clearinghuizen (die de beurstransacties loggen). In principe maakt blockchain al die tussenstappen overbodig. Hetzelfde geldt eigenlijk voor traditionele transacties. Wil u een andere partij betalen voor een geleverde dienst of product, dan kan dat al via een decentraal netwerk – zonder bank dus. Het enige wat u daarvoor nodig hebt, is een virtuele munt: jawel, de bitcoin.

Maar precies daar knelt het schoentje. De bitcoin bestaat al tien jaar, maar blijft al bij al een nichegegeven. Ook de komende decennia zal de aandelenbeurs volgens specialisten niet plotsklaps verdwijnen. Dat heeft onder meer te maken met de aard van de huidige blockchainplatformen. Die zijn namelijk (nog) niet uitgerust om te voldoen aan de zware financiële regelgeving. Denk maar aan privacywetten, maar ook aan toezichthouders of overheden die inzage eisen in financiële transacties. Bovendien vertoont de cryptomunt zélf nog wat kinderziektes. Zo vergt de groei van de ‘blocks’ steeds meer opslagcapaciteit en vormt de lage transactiesnelheid een probleem: ongeveer 7 transacties per seconde – peanuts in vergelijking met de 20.000 per seconde van kredietkaartmaatschappijen.

Heel wat hardnekkige bitcoinadepten zullen u vertellen dat het een kwestie van tijd is vooraleer die euvels opgelost zijn. Anderen vermoeden dan weer dat cryptomunten het digitale goud zullen worden: beleggingsproducten met relatief weinig transacties, die winst genereren via een stijging van de vraag. Niet toevallig hebben zich nog tal van recentere virtuele munten in de slipstream van de bitcoin genesteld. Hoe die ook evolueren: de geest is uit de fles, de blockchaintechnologie is ook in de financiële sector niet meer weg te denken.

In de gevarenzone

Verschillende begrotingen baren de Europese Unie al geruime tijd zorgen, waaronder ook de Belgische. Onze schuldgraad ligt veel te hoog en de federale begroting raakt niet in evenwicht. Toen onze staatsschuld eind vorig jaar op 107% werd ingeschat, dreigden we het zelfs te moeten uitzweten op het strafbankje. Prompt verlaagde ratingbureau Fitch onze kredietwaardigheid. Volgens nieuwe prognoses knipperen de alarmlichten iets minder rood dan gedacht, maar feit blijft dat er nog heel wat werk aan de winkel is om onze financiële huishouding structureel op orde te krijgen.

Rits aan maatregelen

Nochtans zagen al flink wat maatregelen het licht om het begrotingstekort weg te werken. In het kader van de taxshift schroeft de regering de belastingen op vermogen op. Zo werden de plafonds van de beurstaks verdubbeld en werd de belasting uitgebreid naar buitenlandse transacties. Bovendien werd de meerwaardetaks op bepaalde obligatiefondsen opgetrokken van 27% naar 30%, net zoals de gewone roerende voorheffing op intresten en dividenden.

Maar ook wie niet naar de beurs trekt, draagt mee de inspanningen om het begrotingsgat te dichten. Daar zitten de besparingen in onder meer de sociale zekerheid en de gezondheidszorg natuurlijk voor veel tussen. En wie weet, vallen straks de fiscale gunstregels voor bedrijfswagens weg, zoals Europa suggereert? Kortom, de druk van Europa voelen we allemaal in onze portemonnee.

Wij staan voor u klaar.

Elke werkdag van 8:30 tot 19:00
Vrijdag tot 18:30

Stephane Ginestet Cathérine Hamelink
Gelieve een geldig telefoonnummer in te vullen. De verbinding is mislukt. Probeer het later nog een keer. Wij bellen u zo snel mogelijk terug.
En wij bellen u zo snel mogelijk terug